Spelen en Buitenspelen

De onderstaande blogartikelen bevatten onderzoek, feiten en opinies. U kunt artikelen kiezen door links op één van de trefwoorden te klikken.

Repressie Op Bewegingdrift

Een der grootste blunders van de 20ste eeuw  

====

Bij het opruimen van de stapel nog te lezen literatuur en lectuur kom ik ineens deze tekst tegen van Marcel Roomans de bedenker van de "Speelstraat" en de oprichter van de Stichting Speelstraten in Den Bosch.

Eigenlijk een heel vroege en bevlogen oproep tot wat we nu noemen "Omdenken". Dus voor het KennisCentrum Buitenspelen een schande dat ik dat stukje waardevolle lectuur op de stapel heb laten liggen en niet as de wiedeweerga in dit blog heb opgenomen. Omdat ik het (mail)adres van Marcel Roomans niet meer heb (inmiddels 4 harddisken verder) dacht: weet je wat ik zoek wel even op internet. Tot mijn verbijstering kom ik op een op deze pagina van het Brabants Dagblad. Ik kan de auteur dus niet meer vragen om toestemming. Zijn begeleidende brief had wel de strekking: Doe er wat mee. Dus bij deze geef ik postuum toch nog het woord aan dhr. Roomans.

ir. Dirk Vermeulen, voorzitter

====

De voorbije 10 jaren maakten 100 Bossche woonstraten samen 3.000 x een dag lang een speelstraat-leefstraat, te vergelijken met een autoloze-zondag-straat. De conclusies van 2 gemeente-enquetes luidden: 'goed voor kinderen'; goed voor de contacten en de saamhorigheid. De Stichting Speelstraten / Leefstraten wil met die conclusies politiek en samenleving wakker schudden. De 'kleinste openbare maatschappelijke cel' verloor in luttele decennia haar eeuwenlange sociale functie. In de woonstraat valt enorme maatschappelijke winst te behalen. Het nieuwe politiek item: de straat van de toekomst!

Hieronder de motivering mbt dat streven

Een der grootste blunders van de 20ste eeuw

Repressie Op Bewegingdrift

auto voor de deur en de kinderen tussen 4 muren

Een goed begin is het halve werk. Alles begint bij kinderen en hun ontwikkelingskansen. Hoe beter die zijn des te beter hun sociale attitude. Dat is minstens even belangrijk als de technische vooruitgang. Investeren in de ontwikkelingskansen van kinderen is de beste vorm van preventie en economisch úitermate interessant. De toekomst staat en valt er immers mee! Ook duurzaamheid!
Maar hoe staat het eigenlijk met hun ontwikkelingskansen? De media staan bol van normvervagend en grensoverschrijdend gedrag van en door jongeren. En gloort er wel een goede toekomst voor onze kinderen? Het gaat immers bergafwaarts met de sociale mentaliteit! Waardoor komt dat? Is het allemaal wel hun schuld? In wat voor samenleving komen onze kinderen straks terecht? Wat kunnen we zelf doen? Zijn we zelf rolmodel?

Woonomgeving

In wat voor woonomgeving groeien kinderen op? Ruim 20 jaar geleden, de tijd dat de doorgeslagen individualisering nog nieuws was, wandelde ik met de ogen van de bewegingsobservator door een aantal woonwijken. De samenleving zou zwaar lijden onder die individualiseringstendens. Mensen leefden langs elkaar heen met alle gevolgen van dien. Doel was observeren van de woonomgeving met de kennis van de bewegingswetenschap in de achterzak. De basisstelling van de bewegingswetenschap luidt: niets is zo ontmoetingsafdwingend als bewegen. Bewegen zou dus van invloed zijn op die negatieve ontwikkeling. Wat zag ik?
Straten waren grijs, vol blik en saai. Straten leefden niet. Niemand te zien. Verderop, buiten de directe woonomgeving, zag ik wel vaker kinderen vanaf een jaar of 7 tot en met opgeschoten pubers. Kleine kinderen heb ik niet gezien; ouders evenmin. Kennelijk een normaal beeld. Ik plaatste dat in context van het eeuwenoude straatbeeld. Vele eeuwenlang groeiden kinderen veilig op in de eigen woonstraat of wat daarvoor doorging. Ouders hielden en oogje in het zeil.
We richtten in 2000 de Stichting Speelstraten op met als doel aan te tonen dat ouders behoefte hadden aan een veilige woonstraat. We stapten naar de gemeente en naar de provincie voor geld en andere steun en we kregen dat direct volop. In 2000 startte het project speelstraten in Den Bosch. Alhoewel het om heel veel meer ging dan om spelen kozen we bewust voor die naam. Het werd een groot succes. De voorbije 10 jaren maakten in Den Bosch 100 straten samen 3.000 (drie duizend!) X een zondag lang een kindvriendelijke straat; auto’s op of om de hoek. Het waren met name de moeders die het belang ervan intuïtief aanvoelden. 85% van alle steun en inzet kwam van hen! Twee gemeente-enquêtes (2004 en 2008) concludeerden overduidelijk dat het project ‘goed was voor kinderen, maar ook goed voor de contacten in de straat’. Ons vermoeden dat mensen zoiets als een veilige gezellige woonstraat wilden werd dus bewaarheid. Het nieuws verspreidde zich als een lopend vuurtje en uit 50 Nederlandse en Vlaamse steden kwamen verzoeken om info. De helft van deze reacties was afkomstig van bestuurders, de andere helft van ouders!
Vanaf het moment dat de auto haar intrede deed veranderde de wereld. Waren speelstraten een ‘vrouwending’, de auto was van meet af aan een ‘mannending’. De eerste auto’s werden zelfs begeleid door vlaggendragers de straten ingereden. De woonomgeving wordt inmiddels volledig gedomineerd door auto en verkeer. Met de kennis van nu hadden we het vroeger wellicht anders gedaan. Er is nog een ander gezegde….als het kalf verdronken is….

Verandering

De wereld om ons heen verhardt en verloedert en niet zelden krijgt de jeugd de zwarte piet toegespeeld. Aan alle veranderingen in de samenleving zullen zeker meerdere oorzaken ten grondslag liggen. In dit verhaal wordt nader ingegaan op wat deze verandering voor de ontwikkeling van kinderen betekende. Zoals gezegd was de directe woonomgeving eeuwenlang het sociale gebied bij uitstek. Kinderen leerden daar zichzelf en het leven spelenderwijs kennen. Met de opkomst van de auto werd het kind naar binnen verdreven. Maar tussen 4 muren leer je de wereld niet kennen. Juist op straat leerden kinderen vriendjes en buren kennen. Die basis is er niet meer. Naast de gevolgen daarvan voor sociaal contact (kinderen zijn de katalysatoren voor buurtcontact) heeft dat niet te onderschatten gevolgen voor de ontwikkeling van kinderen zelf.
Ruim de helft van alle stadskinderen speelt nu de eerste 6 jaren nooit alleen buiten. Steden creëren speelterreintjes op 50 meter van huis. Nog afgezien van het feit dat een speelplek geen afspiegeling is van de sociale complexiteit mogen kleintjes daar niet eens alleen naar toe! Vanaf 6 of 7 jaar worden kinderen voor de leeuwen gegooid en kunnen ze ‘van overheidswege’ terecht op speelveldjes op 100 meter van huis. Maar daar ontbreken dan weer toezicht en begeleiding. Opgeschoten pubers zijn hun rolmodellen.

Bewegingsdrift

Hét meest opvallende kenmerk van kinderen is hun bewegingsdrift, hun onstuitbare drang tot spelen, rennen, ravotten en bewegen. Mét het wegvallen van de veilige woonomgeving werd dit wezenskenmerk van kinderen geweld aangedaan. Ze konden met hun drift geen kant meer op. Maar drift láát zich niet ongestraft wegzetten. Kinderen ‘zijn hun lijf’’, ‘denken in bewegen’. Bewegen moét! Repressie van drift kan nare gevolgen hebben zowel voor het kind als voor de samenleving. Maar wat als er geen buiten is, het dagelijks oefenveld ontbreekt? Hoe gaat het dan met de lichamelijke ontwikkeling? Waar en hoe ontwikkelen zij hun mentale weerbaarheid? En waar leren ze sociale omgangsvormen?
Er wordt tegenwoordig veel gesproken over te drukke kinderen. Drift laat zich niet onderdrukken. Ja, met medicijnen! In 2010 schreven Nederlandse artsen 1 miljoen recepten Ritalin voor jeugdigen uit. Weer meer dan het jaar ervoor. .

Fysieke, mentale en sociale gevolgen van repressie van driften

Het gemis aan veilige ruimte in de eigen directe woonomgeving leidt tot afname van de sociale betrokkenheid. Onbekend maakt onbemind. Deze situatie is een voedingsbodem voor angst en afkeer voor het onbekende, hetwelk niet zelden uitgroeit tot fight- en flightgedrag (vecht- en vluchtgedrag). Bekend is de vele varianten van explosief en grensoverschrijdend gedrag, maar er is ook massaal vluchtgedrag in drank, drugs, seks, gokken en ICT. Wordt de opgekropte drift niet geuit dan ligt de depressie op de loer. Depressie is opgekropte agressie.. .

Terecht?Alvorens volwassenen naar kinderen wijzen moeten we de hand in eigen boezem durven steken. Het waren immers de volwassenen zelf die deze samenleving voor onze kinderen creëerden. Wij ontnamen hen toch het oefenveld voor hun lichamelijke, mentale en sociale ontwikkeling goeddeels! Wíj onderdrukten toch hun bewegingsdrift! Wij wilden toch zo graag de auto voor de deur en ontnamen onze kinderen zo hun veilige woonomgeving en sociaal oefenveld! Vraag kinderen wat ze willen en 10 tegen 1 wordt er gezegd dat ze meer speelruimte willen. Wij moeten gaan begrijpen wat spelen inhoudt. Het gaat om spelenderwijs het leven leren. Het gaat om rennen en ravotten. Maar ook om mentale weerbaarheid en sociale vorming.
De zo zwaar bekritiseerde sociale houding van jongeren werd niet eerder beschouwd in context van de kwaliteit van hun woon- en leefomgeving. Juist in tijden van CV, TV, PC, kleine gezinnen en werkende ouders ligt het monster van isolering, individualisering en egocentrisme op de loer. Juist nu ligt er een grote verantwoordelijkheid bij ouders en politiek kinderen goede omstandigheden aan te reiken.voor hun ontwikkeling. Het is de hoogste tijd voor herkenning, erkenning en voor het creëren van nieuw beleid. Het gaat om veiliger, groener, spannender en gezelliger woonstraten.
De ‘kleinste openbare maatschappelijke cel’, de woonstraat, is doodziek! Dat is nieuw! Beleid inzake leefbare woonomgeving kent de invalshoek woonstraat niet! Er wordt uitsluitend gesproken in termen van buurten en wijken. Maar daar groeien de kinderen in eerste instantie niet op! De kinderen moeten kansen direct voor de voordeur geboden worden. Er mag terecht gesproken worden van een blinde vlek ten aanzien van de doodgewone woonstraat! Nederland telt er zo’n half miljoen!

Terug naar de wortels

Een goede boom herken je aan zijn vruchten en zijn wortels. Vertaald naar de samenleving gaat het dan om de kinderen. Zij zijn de toekomst.
Toch hebben wij het als samenleving gepresteerd om het belangrijkste kenmerk van het kind, diens bewegingsdrift, gruwelijk in te dammen. Een samenleving (lees boom) die haar kinderen (lees vruchten) niet voldoende basis (lees wortels) geeft kweekt zwakke kinderen en krijgt later een stevige rekening gepresenteerd.
Er gaat heel veel mis met (steeds jongere) kinderen. 1 op de 3 kinderen is te dik. De kans op obesitas en later diabetis dreigt. Grensoverschrijdend gedrag is aan de orde van de dag. Het antwoord in de vorm van repressie blijkt dweilen met de kraan open. Info via postbus 51 en wijzen op de verantwoordelijkheid van ouders werkt niet. De helft van de ouders wordt daardoor niet eens bereikt, laat staan geraakt. Het onderwijs raakt overbelast mede doordat hen steeds meer maatschappelijke thema’s worden opgedragen. Opvoedingsondersteuning blijkt meer nodig dan er gegeven kan worden. De buurt- en wijkaanpak, hoe goed op zichzelf ook, blijkt niet te leiden tot verbetering. Integendeel. Het wordt erger.
De kern van de openbare ruimte is de woonstraat. Met straatcoaches, wijkagenten, buurtvaders, buurt- en wijkprojecten, sportondersteuning, CJG’s etc wordt getracht verbetering van veiligheid en leefbaarheid te bewerkstelligen. Vroeger waren er gewoon een veilige woonomgeving en buren. Als de woonstraat, de kleinste openbare maatschappelijke cel, dermate uit haar doen is dan moge duidelijk zijn waar de verandering moet beginnen. In kindvriendelijker woonstraten. Dat heeft gevolgen voor de positie van onze auto, maar als kinderen voorrang krijgen wordt het hele leven wel leuker.

Oplossingen 

Tienduizenden steden overal ter wereld maakten hun centra autovrij. Als het daar kan dan kan het in woongebieden ook. Dat vraagt een ommezwaai in denken. Straten doorknippen en in het midden pleintjes creëren? Auto’s alleen op de hoek. Buurtparkings? Parkeercontainers? Voer voor creatieve denkers!
Als maar genoeg ouders het belang van verandering inzien is het dilemma waar politici zich de komende tijd voor gesteld zien niet: geven we het kind voorrang boven de auto maar hóe gaan we dat doen. De resultaten zullen indrukwekkend zijn. Een kindvriendelijke woonstraat biedt kinderen betere ontwikkelingskansen en het leidt bovendien tot een indrukwekkende verbetering van de sociale cohesie! Verdere winst ligt o.a. op de gebieden veiligheid, integratie, zorg, ouderen, eenzaamheid, cohesie en het raakt zelfs de file. …de fiets staat dan immers dichterbij dan de auto….

Politiek

De politiek moet zich in elk geval bewust worden van het drama van de Nederlandse woonstraat. Wil men afname van agressie en verharding en verbetering van het sociale klimaat dan is ander beleid nodig.

Enkele voorzetten:

  • De VN Rechten met betrekking tot de Rechten van het Kind beter vertalen: Als je het wezenskenmerk van kinderen negeert negeer je de VN afspraken ten aanzien van de Rechten van het Kind tezelfdertijd.
  • Naamswijziging ministerie VWB in plaats van VWS: Bewegingsdrift is de invalshoek voor herstel en niet gymnastiek of sport. Bewegen is de moedervorm, al het andere is cultureel afgeleid. Als bewegen de moedervorm is dan is de naamgeving van het Ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport onjuist ! Correct is de naam: Ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Bewegen (desnoods met toevoeging Sport).
  • Kinderparagraaf: Regeren is vooruitzien. Het zou, na zoveel pijnlijke misvatting over de ontwikkelingskansen van kinderen, goed zijn als er een Kinderparagraaf in de partijprogramma’s zou worden opgenomen. Daarin alles op een rijtje over hoe de VN Rechten met betrekking tot het Kind naar concreet beleid worden vertaald. Daarin dan zaken met betrekking tot de woonomgeving en de bewegingsdrift. Met die wetenschap kunnen ouders betere politieke keuze maken, want…. ………kom niet aan mijn kind(eren)……!
Marcel Roomans, voorzitter.
Stichting Speelstraten / Leefstraten
psychomotorisch observator/-therapeut
zelfstandig onderzoeker bewegen, agressie, sociale cohesie
4 februari 2011, Den Bosch